Leegstaande bedrijfsruimten

De Vlaamse Overheid neemt maatregelen leegstand en verwaarlozing van bedrijfsgebouwen te voorkomen. Deze maatregelen spitsen zich toe op leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten van minimaal 5 are. Door hun omvang zijn dit meestal belangrijke en herkenbare plekken, vooral in de stad.

Als deze bedrijfsruimten leeg komen te staan moet de eigenaar een heffing betalen. Dit geld gebruikt de overheid om projecten te ondersteunen die ongebruikte bedrijfsgronden een nieuwe toekomst geven.

Wanneer een bedrijfsruimte kleiner is dan 5 are spreken we van een leegstaand gebouw. (link naar "leegstaande woning en gebouw")

Voorwaarden

Een bedrijfsruimte wordt als leegstaand beschouwd en opgenomen op de gemeentelijke lijst vanaf het ogenblik dat meer dan 50% van de totale vloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen niet effectief wordt benut. Het gebruik van de ruimte dient rationeel te zijn. Het naast elkaar plaatsen van lege vaten kan bijvoorbeeld niet beschouwd worden als rationeel gebruik. Daarentegen kunnen grote kartonnen dozen met materiaal wel naast elkaar worden gezet in functie van het optimaal gebruik van goederen die in die dozen zijn gestapeld.

Procedure

Elke gemeente dient ieder kalenderjaar een gemeentelijke lijst op te stellen
van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten die op haar grondgebied
zijn gelegen. Deze lijst dient vóór 1 maart van elk kalenderjaar aan het departement Omgeving te worden toegestuurd. Binnen 90 dagen na ontvangst van de gemeentelijke lijst besluit het departement de bedrijfsruimte al dan niet in de Inventaris op te nemen (= registratie).

Binnen een termijn van 15 kalenderdagen na de officiële registratie betekent het departement, via een aangetekende brief, een registratieattest aan de eigenaar(s) van het geregistreerde goed. Dat attest vermeldt de motivering van de registratie, de datum van opname, de beroepsmogelijkheid en een indicatie van het heffingsbedrag bij het in gebreke blijven.

Indien opschorting van de heffing werd verleend, blijft de bedrijfsruimte opgenomen in de Inventaris en wordt ten bewijze hiervan jaarlijks aan de eigenaar een registratieattest betekend. Zolang de schrapping niet is aangevraagd en verleend, blijft de bedrijfsruimte opgenomen in de Inventaris.

Bedrag

Het bedrag van de heffing is afhankelijk van het kadastraal inkomen van het leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsgebouw.

De tarieven van de heffing op leegstaande bedrijfsruimten vind je op de website van de Vlaamse Belastingdienst.

De gemeenten kunnen op dit bedrag nog opcentiemen heffen. --> en is dat zo bij ons? 

Uitzonderingen

Wie op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het bedrijfsgebouw moet de heffing betalen. Onder bepaalde voorwaarden kan je opschorting van de heffing aanvragen voor:

  • nieuwe eigenaars (opschorting van de heffing gedurende 2 jaar)
  • leegstaande maar niet verwaarloosde bedrijfsgebouwen
  • voorstellen tot vernieuwing
  • bodemsaneringsprojecten
  • brownfieldconvenanten

Elke opschorting van de belasting moet u per aangetekend schrijven aanvragen bij de beheerder van de inventaris:

Departement Omgeving
Leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten
Koning Albert II-laan 20 bus 8
1000 Brussel

De heffing wordt enkel kwijtgescholden:

  • als u de schrapping krijgt voor het einde van de opschortingstermijn of als u een verlenging of eventueel een aansluitende opschorting krijgt om andere redenen
  • en als u in de tussentijd niet verkoopt.

Regelgeving

  • Het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, gewijzigd bij decreten van 20 december 1996, 8 juli 1997, 14 juli 1998, 30 juni 2000, 9 maart 2001, 6 juli 2001, 5 juli 2002, 27 juni 2003, 19 december 2003, 24 juni 2005, 10 maart 2006, 16 juni 2006, 23 juni 2006, 21 november 2008 18 december 2009, 8 juli 2011, 11 mei 2012, 22 juni 2012, 5 juli 2013, 13 december 2013 en 25 april 2014, hierna het decreet genoemd.
  • Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013.
  • Het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 19 december 1998, 8 juni 2001, 23 april 2004, 24 maart 2006, 23 juni 2006, 8 oktober 2010, 4 december 2009, 10 juni 2011, 9 september 2011, 22 februari 2013, 20 december 2013, 17 januari 2014, 16 mei 2014 en 27 november 2015, hierna het uitvoeringsbesluit genoemd.
  • Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit van 20 december 2013.

Meer info

Link naar de infobrochure